Lion King

Koning Mufasa woont samen met zijn vrouw Sarabi en de andere leeuwen op de koningsrots en is de trotse heerser van de savanne. In Mufasa’s schaduw staat zijn broer Scar, die vol wrok is en zijn broer liever ziet gaan dan komen: Scar wil zelf koning worden.

Dan wordt Mufasa’s zoon geboren, Simba. Volgens een vast ritueel bij de geboorte van een nieuwe prins stromen alle dieren in het koninkrijk naar de koningsrots toe. Voor het oog van vele zebra’s, olifanten, buffels en andere dieren presenteert de mandril Rafiki de jongste welp en kroonprins. Mufasa leert Simba alvast wat het koningschap inhoudt en dat hij ook ooit koning zal worden. Hij maant Simba ook om nooit op een bepaalde plek buiten de grens van het koninkrijk te komen; dit laatste wekt de nieuwsgierigheid van Simba. Scar vertelt Simba zogenaamd per ongeluk dat het om een olifantenkerkhof gaat.

Simba is beste vrienden met Nala en samen komen ze al snel in de problemen wanneer ze dankzij Scars trucje toch op de verboden plek gaan kijken. De ‘knecht’ van de koning, roodsnaveltok Zazu, komt er al gauw achter wat ze van plan zijn, maar hij is niet in staat de twee tegen te houden. Zo komen ze in aanraking met de verstoten dieren die onder aan de voedselketen staan, de hyena’s Shenzi, Banzai en Ed, aan wie ze ternauwernood ontkomen. Dit zijn tevens de handlangers van Scar, zonder dat de andere dieren dit echter weten.

In een poging Mufasa van zijn troon te stoten en meteen ook Simba uit de weg te ruimen zodat hij zelf koning kan worden, roept Scar de hulp in van zijn hyena’s. Zij ontketenen een stormloop van op hol geslagen gnoes, die recht op de plek afkomen waar Scar Simba eerst met een smoes naartoe heeft gelokt. Mufasa’s poging om Simba te redden lukt, maar Mufasa belandt zelf in een hulpeloze positie waarbij hij aan een rots hangt, net boven de stormloop met de gnoes. Scar staat boven aan de klif. Na smeekbedes van Mufasa, grijpt Scar hardhandig met zijn klauwen in de poten van Mufasa. Met de woorden ‘Lang leve de koning’, gooit hij Mufasa dan van de rots, de dood tegemoet. Simba ziet zijn vader vallen, maar weet niet wat er even daarvoor is gebeurd. Een hulpeloze Simba blijft even later wenend achter bij het lichaam van zijn vader, nog even hopende dat Mufasa zal ontwaken. Scar arriveert op de plek des onheils en maakt zijn neefje wijs dat het diens schuld is dat Mufasa is omgekomen. Scar maant Simba te vluchten en nooit meer in het leeuwenrijk terug te komen. Dan stuurt hij de hyena’s Shenzi, Banzai en Ed achter Simba aan om ook hem te vermoorden, maar Simba weet net te ontkomen.

Wanhopig vlucht Simba naar het tropisch regenwoud, waar het stokstaartje Timon en het winderige knobbelzwijn Pumbaa hem redden. Door hun open en vrolijke karakter trekt hij een beetje bij. Van hen leert Simba de leus hakuna matata: heb geen zorgen. Simba besluit vervolgens zijn oude leven helemaal achter zich te laten, overtuigd als hij is dat de dood van zijn vader zijn schuld is. Hij leeft een bijna zorgeloos leven in het tropische regenwoud en groeit op van welp tot volwassen leeuw, onder toeziend oog van Timon en Pumbaa.

Ondertussen op de savanne heeft Scar het koninkrijk overgenomen en Sarabi en de leeuwinnen voorgelogen over de dood van zowel Mufasa als Simba. Ook de hyena’s doen hun intrede op de koningsrots, tot groot ongenoegen van de leeuwentroep. De inmiddels volwassen Nala gaat op een dag op jacht naar voedsel en komt terecht in het regenwoud waar Simba is opgegroeid. Terwijl ze op Pumbaa jaagt komt ze oog in oog te staan met de volwassen Simba en de twee herkennen elkaar. Nala vertelt Simba dat iedereen op de savanne hem dood waant en het rijk is uiteengevallen, iedereen lijdt nu honger onder Scars waardeloze bewind. Simba die zich schuldig voelt, voelt zich echter vooralsnog niet geroepen om zelf koning te worden, totdat Rafiki die Simba ook terugvindt hem middels een visioen van zijn vader uiteindelijk toch tot inkeer weet te brengen. Rafiki leert Simba een grote levensles: je kunt van je verleden wegrennen of ervan leren. Ook Nala keert terug, samen met Timon en Pumbaa, zodra deze horen dat Simba onderweg is naar zijn geboorteplaats.

Eenmaal aangekomen in zijn geboortestreek ziet Simba hoe de savanne onder het regime van zijn oom tot een dorre en dode omgeving is geworden. Hij is nu echt vastbesloten zijn koninkrijk terug te winnen. Ze sluipen de rots binnen en Simba ziet hoe slecht zijn moeder wordt behandeld door Scar. Timon en Pumbaa helpen met het afleiden van enkele hyena’s, terwijl Simba naar voren stapt en opkomt voor zijn moeder. Door zowel zijn moeder als Scar wordt hij daarop aangezien voor de uit de dood herrezen Mufasa. Als duidelijk wordt dat het om Simba gaat is iedereen verrast, inclusief Scar die dacht dat Simba was gedood door de hyena’s. Scar zet een nieuwe troef in: hij beschuldigt Simba er nogmaals van Mufasa te hebben vermoord, nu tegenover alle andere leeuwen inclusief Simba’s eigen moeder Sarabi. Deze kunnen dit niet geloven. Simba voelt zich nu weer zo schuldig dat hij niets ontkent.

Als Simba even later hulpeloos aan een rots hangt, fluistert Scar in Simba’s oor dat hijzelf Mufasa vermoord heeft. Simba valt daarop Scar aan en dwingt hem tegenover de hele troep te bekennen. Hierop ontstaat een gevecht tussen de leeuwen en de hyena’s. Scar rent laf weg, maar Simba achtervolgt hem. Als Simba Scar in het nauw heeft gedreven, beveelt hij hem te vertrekken. Scar op zijn beurt probeert alle schuld op de hyena’s te schuiven. Vervolgens hervat hij het gevecht door Simba gloeiend heet materiaal in zijn gezicht te gooien. Na een heftige worsteling weet Simba Scar van de rots te gooien, waarna de wraakzuchtige hyena’s Scar aanvallen en verscheuren.

De savanne die grotendeels in brand stond door de bliksem wordt geblust door de regen. Nu er een eind is gekomen aan Scars heerschappij kan alles op de savanne zich herstellen; de bomen worden weer groen en alles wordt als vanouds. Simba heeft zijn koninkrijk nu terug en trouwt met Nala. De gehele troep en de dieren van de savanne kijken toe als Simba zijn plek op de rots opeist, waar Mufasa ooit in volle glorie de jonge Simba leerde wat van hem zal worden. De film eindigt bijna net zoals hij begon: Rafiki laat vanaf de rots alle dieren een welpje zien, dit keer dat van Simba en Nala.